|
Vraag 1 van 20
Examennummer: 4179
STROKEPLAY. Een speler vindt zijn bal in hoog gras. Als hij adresseert kan hij echter de bal niet zien. Hij buigt daarom voorzichtig zoveel gras opzij dat hij bij het adresseren net een klein stukje van de bal kan zien. Wat is juist?
| A : | De speler heeft het recht om de bal te zien tijdens de slag en heeft dus correct gehandeld. |
| B : | De speler heeft niet noodzakelijkerwijs het recht de bal te zien tijdens de slag. Zijn handeling was daarom niet correct. Hij krijgt twee strafslagen. |
| C : | De speler heeft de ligging van zijn bal verbeterd. Hij is gediskwalificeerd. |
Deze vraag is uit de categorie: ** vragen
|
|
 |